Ken jij deze snijtechnieken al?

Een culinair hoogstandje of lekker simpel en snel. Wat het recept ook is, elke maaltijd begint met het snijwerk. Met deze snijtechnieken en de messen van Zwilling profileer jij je tot professionele chef.

Brunoise

Brunoise

Pas je de brunoise techniek toe, dan snijd je blokjes of dobbelsteentjes van 3x3 millimeter. Worstel en knolselderij wordt bijvoorbeeld vaak versneden tot blokjes. Brunoise zien we veel in soep en vullingen (van vlees en pasteitjes).

Julienne

Julienne is een culinaire term voor het snijden van flinterdunne reepjes. Deze techniek kan worden toegepast op groente, aardappelen, vlees, vis en gevogelte. De reepjes zijn 1 à 2 mm dik en 4 tot 5 mm lang.

 

Julienne
Chinoise

Chinoise

Chinoise is een snijtechniek afkomstig uit de Chinese keuken. Het betekent ‘in ruitjes snijden’ en wordt vaak toegepast om groente of fruit mooi te presenteren. De grootte is variabel, de dikte moet officieel 0,2 centimeter zijn. Groente die chinoise gesneden is, wordt vaak nog even geblancheerd voordat het aan de maaltijd wordt toegevoegd.

 

Jardiniere

Jardiniere, ook wel baton genoemd, is ‘het culinaire zusje van Julienne’. De twee technieken lijken erg op elkaar. Pas je de Jardiniere techniek toe dan zijn de reepjes alleen groter. Vijf centimeter lang en één centimeter breed, ongeveer de grootte van een frietje.

 

Jardiniere
Carré

Carré

Carré snijden is, net als brunoise snijden, een techniek waarbij je blokjes of dobbelsteentjes maakt. Deze zijn iets groter van stuk, vergeleken met de brunoise blokjes: ongeveer 10 x 10 millimeter. Het is wel belangrijk dat de blokjes helemaal mooi vierkant zijn.

Eminceren

Ga je groente, vlees of fruit eminceren, dan snijdt je het tot zeer fijne, dunne schijfjes of plakjes. Een vaste maat is er niet. Groenten waarbij deze snijtechniek veel wordt toegepast zijn knoflook en champignons.

Eminceren